Een soa-onderzoek bestaat uit verschillende onderdelen
Het onderzoek begint met een gesprek. De arts of verpleegkundige stelt een aantal vragen over je klachten en over de seks die je gehad hebt. Verder krijg je uitleg over het onderzoek en de manier waarop je de uitslagen krijgt te horen. Een arts staat onder het beroepsgeheim. Hij/zij mag niemand vertellen wat je hem/haar vertelt.
Chlamydia en gonorroe (druiper) worden getest door middel van een urineonderzoek. Soms vraagt men een uitstrijkje uit de penis of van andere plekken waar de infectie kan zitten.
Hiv, syfilis en hepatitis B worden getest aan de hand van een bloedonderzoek.
Genitale wratten en herpes genitalis kunnen alleen maar worden vastgesteld als iemand duidelijke klachten heeft.
Schaamluis en schurft worden door grondige beschouwing, ook met instrumenten zoals een loep, vastgesteld.
Het heeft geen zin om direct na een onveilig contact een soa-onderzoek te laten doen. Het duurt namelijk even voordat soa's aantoonbaar zijn.
Chlamydia en gonorroe zijn soa's die vanaf enkele dagen na het seksuele contact getest kunnen worden, zeker als je klachten hebt.
Hiv, syfilis en hepatitis B kunnen na enkele weken getest worden. Voor verdere informatie over de juiste tijd voor een hiv-test, klik hier.
De meeste testplaatsen hebben de uitslagen na twee tot vijf werkdagen. In sommige gevallen (bijvoorbeeld bij een hiv sneltest) kan je de uitslag al eerder krijgen.
Afhankelijk van de soa die gevonden is, wordt een behandeling voorgeschreven.
Chlamydia, gonorroe en syfilis (bacteriële soa's) worden behandeld met antibiotica. Chlamydia wordt vaak behandeld met een eendaagse pillenkuur. De antibiotica voor gonorroe en syfilis wordt over het algemeen per injectie toegediend.
Soa's die door een virus worden veroorzaakt (herpes, genitale wratten, hiv en hepatitis B) zijn moeilijk te behandelen. Er zijn wel medicijnen om deze virussen en de klachten die zij veroorzaken te onderdrukken. Er bestaat echter geen medicatie om de virussen geheel uit het lichaam te verwijderen. Soms kan je eigen natuurlijk afweersysteem bepaalde virusinfecties overwinnen, zoals bij hepatitis B in de regel het geval is. Dit geldt niet voor hiv.
Voor herpes bestaan alleen medicijnen waarmee het virus onderdrukt kan worden. Het is onbekend waarom de aanvallen bij de ene persoon vaak terugkomen en bij de ander maar af en toe of zelfs nooit. Wel is bekend dat een algemene goede conditie en weinig stress belangrijk is.
Bij genitale wratten geldt ook dat de wratten behandeld kunnen worden, maar het virus zelf blijft in het lichaam aanwezig. De dokter stipt de wratten aan met vloeistof, bevriest ze, schroeit ze of snijdt ze weg. Het komt soms voor dat mensen na verloop van tijd opnieuw last krijgen van genitale wratten. Hier speelt ook de conditie van het afweersysteem een belangrijke rol.
Wanneer je sekswerk doet zou je best om de zes maanden een soa-onderzoek laten doen. Zo hou je voor jezelf de vinger aan de pols. Mocht je een soa hebben opgelopen, dan ben je er over het algemeen op tijd bij om deze te behandelen. Als je klachten krijgt, ga dan onmiddellijk naar de dokter.